Meer verkeersveiligheid door “shared space”?

Foto: Mussklprozz
16 - 04 - 2018 ► 08:23



Bijna twintig jaar lang daalde het aantal verkeersslachtoffers. Nederland hoorde bij de veiligste landen van Europa. Tot drie jaar geleden. Die omslag heeft tal van oorzaken. We worden ouder en blijven daarom tot op hoge leeftijd autorijden. Ook is het aantal verkeerscontroles afgenomen: gevaarlijk weggedrag blijft onbestraft. Maar er is ook een rol weggelegd voor overheden: de weginrichting is cruciaal voor de veiligheid van weggebruikers. Zij zien in toenemende mate de oplossing in ‘shared space’, waarbij weggebruikers kriskras door elkaar fietsen, lopen en rijden. Maar is dat wel zo veilig?

De Fries Hans Monderman kwam eind vorige eeuw met het revolutionaire concept op de proppen. Weg met bordjes, verkeerslichten, lijnen, stoepen en verkeerslichten: fietsers, voetgangers en automobilisten mogen het zelf uitzoeken op de weg. Want, zo is het idee, die onzekerheid zorgt ervoor dat weggebruikers zich langzamer en bedachtzamer bewegen, waarbij ze meer op elkaar letten. Het concept is in vele gemeenten toegepast, vooral in Nederland, maar ook in andere West-Europese landen.  “En dat terwijl de effectiviteit niet is aangetoond”, zegt verkeersexpert bij de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) Atze Dijkstra.

Tegenstrijdig

Marjan Hagenzieker, werkzaam als docent en onderzoekster aan de Technische Universiteit Delft, vindt het lastig het succes van shared space te verklaren vanuit de verkeerskunde.  “Het idee was lang dat je verkeersgebruikers moet opvoeden, en straft als ze wat verkeerd doen. Camiel Eurlings had het een aantal jaar geleden over de verkeershufters die je moet aanpakken. En dat terwijl de meeste ongevallen een combinatie zijn van mens, weg en voertuig. Dit leidde tot het huidige systeemdenken, waarbij je het hele verkeerssysteem veilig inricht. Een omgeving moet erop ingesteld zijn hoe mensen nu eenmaal functioneren. Met consequente wegindelingen en –categorieën, waardoor de gebruiker precies weet waar hij precies zo hard mag.” Voorspelbaarheid van de weg is belangrijk, waardoor mensen hun aandacht kunnen houden bij het opletten. Shared space staat hier juist haaks op. “De reactie in de verkeersveiligheidswereld was ‘dit kan niet goed zijn’”, zegt Hagenzieker. “Het druiste in tegen alles wat we wisten.”

Hans Monderman

Het principe komt dan ook niet uit de traditionele hoek van de verkeersveiligheid. De in 2008 overleden Monderman werd door het Brits-Amerikaanse technologieblad Wired een nieuw soort verkeerskundige genoemd, omdat hij ook gedeeltelijk “stadsplanoloog, sociale wetenschapper, civiel ingenieur en psycholoog” is. Met uitspraken als “Als je mensen behandelt als idioten, gedragen ze zich als idioten”, doelend op de vele verkeersregels, profileerde Monderman zich als een outsider op het gebied van verkeersveiligheid.

Believers en sceptici

“Onderzoek naar shared space is moeilijk”, zegt Dijkstra. “We hebben het niet over honderden situaties, dus om over die aantallen uitspraken te doen over de veiligheid is lastig.” Hagenzieker beaamt dit: “We zien onderzoeken bij situaties waar bijvoorbeeld één ongeluk per jaar gebeurt. De situatie wordt vervolgens omgebouwd naar shared space, en dan gebeurt er nog steeds één ongeluk per jaar. Daar kun je statistisch niets mee. Er zijn believers, die shared space prachtig vinden, en sceptici, die motieven aandragen waarom het niet goed is. Door afwezigheid van grootschalig onderzoek blijven we daarop hangen.”

Onderzoek

Onderzoeken bevestigen het onduidelijke beeld van de effectiviteit van shared space. In de afgelopen jaren zijn enkele onderzoeken gepubliceerd over de veiligheid van shared space-inrichtingen. In de meeste gevallen gaat het om een ongevallenanalyse, waarbij het aantal geregistreerde ongevallen in een periode voor en na de ombouw van een wegvak vergeleken wordt. De uitkomsten wisselen. Een onderzoek op vijf locaties in Londen concludeert een algemene afname van het aantal ongevallen. Door de herinrichting veranderden voetgangersstromen, waardoor op drie van de vijf plaatsen wel een lichte toename in het aantal ongevallen is waar te nemen.

Ingenieursbureau Sweco (voorheen Grontmij) deed een grootschalig onderzoek bij meerdere sharedspace-locaties in de gemeente Haren. Het resultaat? Een lagere gemiddelde snelheid van autoverkeer, minder verkeersongevallen, maar de perceptie van veiligheid onder weggebruikers neemt niet toe, of juist af. Een Noors onderzoek uit 2016 op zes locaties in dat land is positiever. Weggebruikers voelen zich over het algemeen veilig op de shared space-locaties. Het onderzoek komt wel met enkele aanbevelingen: een shared space-omgeving moet duidelijk aangegeven worden met afwijkende bestrating, en in het geval van gemotoriseerd verkeer kan er uit veiligheidsoverwegingen toch gekozen worden voor een vorm van afscheiding met fietsers en voetgangers.

ADAC – de Duitse ANWB – kwam in 2009 met een rapport over shared space, met daarin onder meer een ongevallenanalyse. Daarbij valt één locatie negatief op: de Bremer Straße in Osnabrück. In de vijftien maanden na de verbouwing zijn daar meer dan drie keer zoveel ongevallen dan in het jaar voordat shared space werd ingevoerd.

Gemeenten zijn positief

Alle onderzoeken kennen dus hun beperkingen, en de uitkomsten zijn wisselend. Waarom gemeenten het idee dan zo omarmen? “Gemeenten vinden dat het er mooi uitziet. Ze knappen het centrum op, en kiezen dan voor mooie, nieuwe stenen, en weinig borden. Het is charming”, zegt Hagenzieker. “En zeker kleine gemeenten hebben de kennis over het verkeer niet altijd in huis. De betrokken wethouder heeft vaak nog heel veel andere zaken dan alleen verkeersveiligheid in z’n portefeuille.” Hierdoor wordt volgens Hagenzieker soms in de verkeerde situaties voor shared space gekozen. “Het werkt niet als er veel automobilisten zijn naast fietsers en voetgangers, zeker als die automobilisten er wel 40 kilometer per uur kunnen rijden.”

“Het principe spreekt tot de verbeelding”, constateert Dijkstra. Hij doelt hiermee op het sociale aspect: verkeersdeelnemers die op elkaar inspelen en communiceren om veilig de bestemming te bereiken. Maar het is de vraag of dat voor elke verkeersdeelnemer geldt.

De zwakkere verkeersdeelnemer

Oogcontact maken is erg belangrijk bij shared space, maar blinden en slechtzienden missen dit nu juist. Doordat stoep en rijbaan in elkaar overlopen en, als er al een verschil is, nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn, is het lastig voor deze groep om zich voort te bewegen. “Relatief veel oude mensen, en ook moeders met kinderen, zeggen ‘Ik neem een andere route als voetganger of fietser’. Natuurlijk heb je dan minder ongevallen, want er is minder verkeer”, zegt Hagenzieker. Waar de kwetsbare groepen zich voorheen veilig waanden op het fietspad of de stoep, moeten ze over de gehele breedte van de weg rekening houden met andere weggebruikers.

Mislukt experiment

Wie de sceptische meningen van sommige verkeerskundigen leest, zou tot de conclusie kunnen komen dat we zo snel mogelijk af moeten van shared space. In sommige gemeenten voegt men daadwerkelijk de daad bij het woord: de gemeente Drachten vervangt nog dit jaar voor bijna een half miljoen euro de shared space-kruising aan de Dwarsstraat met een rotonde. Het experiment bleek mislukt door te veel onduidelijkheid voor voetganger, fietser en automobilist. Dijkstra is iets minder negatief.  “De verkeerskunde kent wel een traditie van uitproberen en daarna onderzoeken. In de jaren ’70 kwamen in heel veel woonwijken woonerven. De brede introductie van dat principe maakte het mogelijk om er onderzoek naar te doen, waarna onderzoek uitwees dat woonerven werken. Hetzelfde geldt voor 30-kilometerzones.”

stevenlek



Geen reacties mogelijk.

artikelen van stevenlek:
“Nederlanders weten dat een aanslag toch nooit 100% te voorkomen is”
Medicijnen goedkoper door nieuw algoritme
Meer verkeersveiligheid door “shared space”?