“Bij veertig procent van alle vechtpartijen waren vrouwen betrokken”

Manon van der Heijden, foto Universiteit Leiden
23 - 03 - 2015 ► 08:43



Vrouwen zijn minder crimineel dan mannen. Tenminste, dat laten de laatste misdaadstatistieken ons zien. Maar was dit altijd al zo? De Leidse hoogleraar geschiedenis Manon van der Heijden weerlegt dit in haar onderzoek over criminaliteit en gender tussen 1600 en 1900. Vrouwen hadden lange tijd een aanzienlijk aandeel in het aantal misdaden. In het 17de eeuwse Amsterdam zelfs meer dan vijftig procent.

Wat zijn volgens u verklaringen voor het hoge aandeel van vrouwen in de misdaad in die tijd?
In Engeland en Holland kwam het onder andere door de sterke urbanisatiegraad. In de stad woonden veel migranten: mensen zonder bescherming, zonder familie. Veel mannen waren ook op zee, waardoor menig vrouw er alleen voor stond. Het tweede belangrijke punt is dat vrouwen redelijk veel vrijheid hadden. Ondanks dat er een ideologie bestond dat iedereen heel keurig getrouwd was en dat al die vrouwen onder voogdij stonden van een man, was dit in de praktijk heel anders. Het zijn dus vrouwen die enerzijds zelfstandig en assertief zijn, maar ook kwetsbaar. Criminaliteit was voor hen een overlevingsstrategie.

Is er een verschil tussen de delicten waar mannen en vrouwen voor werden berecht?
Nee, niet echt. Bij gevechten trokken mannen iets vaker messen en vrouwen gooiden iets meer met aardewerk. In beide gevallen eindigde het met zware verwondingen. Verder werden zowel mannen als vrouwen voornamelijk berecht voor vermogensdelicten. Je ziet dat vrouwen iets vaker werden veroordeeld voor seksuele delicten, dit heeft te maken met een dubbele moraal. Er werd meer op de seksualiteit van vrouwen gelet. Daarnaast kunnen vrouwen zwanger worden. Wanneer zij overspel pleegden terwijl hun man op zee was, kon het zichtbaar worden. Desondanks blijft het aandeel van vrouwen in de criminaliteit hoog, ook als je de seksuele delicten niet meerekent.

Wat heeft u het meest verbaasd in uw onderzoek?
Hoezeer die steden werden gedomineerd door vrouwen. Wanneer wij denken aan de Gouden Eeuw, dan gaat het altijd over de VOC, en over de belangrijke mannen daarin, maar als je toentertijd in de stad had gelopen, dan had je overal vrouwen gezien. In Leiden werden bijvoorbeeld de gewone markten voor zestig tot zeventig procent door vrouwen gerund. Daarnaast gingen vrouwen gewoon naar de kroeg of het wijnhuis. Het valt mij ook op dat vrouwen heel gewelddadig waren. In Rotterdam waren bijvoorbeeld bij veertig procent van alle vechtpartijen vrouwen betrokken.

Tegenwoordig hebben vrouwen nog meer vrijheid, toch is er minder criminaliteit. Hoe past dat in uw verhaal?
Wat je ziet is dat voor 1800 de levensstandaard heel anders was. Criminaliteit was een overlevingsstrategie. Na 1800 is dit veel minder. Er ontstond toen een welvaartsstaat met allemaal sociale voorzieningen. Daarbij zie je sowieso vanaf de Late Middeleeuwen een lange termijn afname van geweld. Er kwam steeds meer een rechtsstaat die geweld ging bedwingen. Zo weten we ook dat de kans dat je in de Middeleeuwen door moord en doodslag omkwam bijna tien keer zo groot was als nu.

 

 

 

Lotte Koppenrade



Geen reacties mogelijk.

artikelen van Lotte Koppenrade:
Alternatieven voor antibiotica
“Bij veertig procent van alle vechtpartijen waren vrouwen betrokken”
Handen snuffelen